‘Heimwee naar Klazienaveen’. Een kerstverhaal geschreven door Jans Jagt

Cabot_Purit KlazienaveenKlazienaveen – Jans Jagt heeft de trommel met kerstverhalen weer geopend. Ditmaal ‘Heimwee naar Klazienaveen’, een kerstverhaal over een periode dat veel gezinnen vertrokken naar het zuiden in Nederland.

De mededeling van vader tijdens het avondeten sloeg in als een donderslag bij heldere hemel.
“Jongens, we gaan verhuizen naar Eindhoven.”
De twee broertjes en twee zusjes van Willem keken vader onthutst aan. Moeder stond stilzwijgend aan het fornuis. De 12-jarige Willem voelde spanning al een paar dagen. Dit was het dus, dacht hij bij zichzelf.
Vader vertelde de kinderen dat hij al een half jaar werkloos was en er geen geld meer was om de huur te betalen. “We hebben geen toekomst meer in Klazienaveen. Philips in Eindhoven biedt ons de kans op een beter leven.” Het avondeten bleef onaangeroerd.
Hoewel de klap hard aan kwam was het aan de andere kant weer niet zo vreemd. Er waren al zoveel gezinnen vertrokken. Bijna de helft van de stoeltjes in de klas van Willem waren inmiddels onbezet.

Honderd meter verderop zat zijn buurmeisje Aleida aan de Dorpshuiswijk te vissen. Aleida was een jaar jonger dan Willem. Ze liepen vaak samen naar school. Aleida kon mooi zingen, daar genoot Willem van. Ze was ook erg knap met haar blonde haren. Willem vertelde haar wat zijn vader had verteld. “Zien we elkaar nooit weer?’ vroeg Aleida verschrikt. Ze legde haar hand op de arm van Willem. Dat maakte hem verlegen. “Ooit kom ik terug.” beloofde Willem.

Op 9 oktober 1925 vertrok het gezin met de trein vanaf station Nieuw-Amsterdam naar Eindhoven.
“Beloofd?” vroeg Aleida bij het afscheid. Willem knikte en Aleida had hem een echte kus gegeven.
Tijdens de treinreis had vader moeite zijn kinderen bij elkaar te houden. In onbewaakte momenten zaten ze op verschillende banken en rende de coupe door. Moeder onderging het allemaal in stilte, Het was alsof het haar niet aan ging. Willem zat de hele weg alleen maar aan Aleida te denken.
Het gezin werd op het station in Eindhoven opgevangen door een medewerkster van Philips. Hij bracht het gezin naar een nieuwe woning aan de Berkenlaan. In het huis stonden de bestelde ledikanten nog in bouwpakketten in de slaapkamer. Ook nieuwe tafels en stoelen stonden in de schuur klaar om uitgepakt te worden.
Vader kreeg werk in de drieploegendienst in de lampenfabriek van Philips. Gelukkig werd hij er niet van. Hij was gewend buiten te werken. Vaak zwaar werk in het veen. Wel woonde zijn gezin nu in een nieuw huis, dat was een grote vooruitgang. Ook kreeg zijn gezin nu voldoende en gezond eten.
Moeder kwam het huis bijna niet uit. Ze was niet het type dat zomaar ergens naar binnen stapte. De vier jonge kinderen hadden hun draai op school gevonden. Ze kregen zelfs al een Brabants accent.
Willem niet, hij wilde wel kruipend terug naar Klazienaveen…en naar Aleida.

Willem kreeg een interne opleiding bij Philips tot bankwerker. Daarmee legde hij een stevige basis voor de toekomst. Tenminste, dat dacht hij. Helaas ontkwam ook Philips
niet aan de crisis en Willem kreeg ontslag. Hij stond op straat. Als 20-jarige kon hij aan het werk in de mijnen in Limburg. Maar Willem had heimwee naar Drenthe. Zijn besluit stond dan ook vast.
Met zijn spaargeld onder zijn hemd nam hij de trein naar het Noorden. Zijn familieleden in tranen achterlatend. Dit deed Willem heel veel pijn. Onderweg huilde hij.
Op het station in Nieuw-Amsterdam ademde Willem heel diep de late herfst lucht in. Was de lucht hier anders dan in Eindhoven?
In een kleine kamer boven een manufacturenzaak in het centrum van Nieuw-Amsterdam vond hij voorlopig onderdak. Tevergeefs zocht hij de dagen daarna naar werk. Op advies van de echtgenoot van zijn hospita meldde Willem zich bij de Purit in Klazienaveen. Tot zijn grote verbazing werd hij aangenomen als bankwerker. De weken daarna fietste hij van Nieuw-Amsterdam naar Klazienaveen en weer terug. De winter deed van zich spreken en dikke sneeuwbuien maakten de dagelijkse fietstocht wel erg zwaar.
Een dag voor Kerst werd de Purit helemaal stilgelegd. Tussen Kerst en Nieuwjaar werd er niet gewerkt. Twee uur eerder dan normaal gingen de medewerkers met een goed gevuld kerstpakket naar huis om daar Kerst te vieren.
Willem maakte van de gelegenheid gebruik naar de Dorpshuiswijk te fietsen. Misschien woonde Aleida nog steeds in hetzelfde huis. Zou ze hem vergeten zijn?
“Aleida woont hier al drie jaar niet meer. Het gezin woont nu aan de Langestraat. Ik heb trouwens begrepen dat ze gaan emigreren naar Canada.” wist de huidige bewoner te vertellen. De schrik sloeg Willem om het hart. Als in een roes reed Willem naar de Langestraat. Het was inmiddels donker geworden en in het huis was ook alles donker. De buurman wist te vertellen dat het gezin naar de kerk was voor de kerstviering. Buiten de kerk hoort Willem de warme klanken binnen de kerk. Door een krakende voordeur liep hij de kerk binnen en keek om zich heen. Op de vierde rij zag hij een jonge vrouw met blonde golvende haren. Aleida?
Willem nam de gok en ging naast de jonge vrouw zitten.
“Ik wist dat je terug zou komen.”
Aleida pakte de hand van Willem en samen genoten ze van een prachtige kerstavond.

Jans Jagt

error: De inhoud van deze website is beschermd !!