Zwartemeer 155 Jaar – Het verdwenen dorp -Deel3-

veengebied-vertrek-meisje-1850WZwartemeer – Het grensdorp Zwartemeer viert dit jaar het 155 jarig bestaan. Schrijver Jans Jagt schreef ter gelegenheid van de komende feestelijkheden de driedelige serie “Het verdwenen dorp”. -Deel 3-

Het verdwenen dorp -Deel-3

Voor Anna klonk die waarschuwing van de soldaat zo overtuigend dat ze werkelijk van plan was het dorp te verlaten. Alleen haar oude vader had er de grootste moeite mee zich te laten overtuigen door zijn dochter. “Laat mij met de vreemdeling praten, Anna,” probeerde hij in een laatste poging. Anna weigerde heel resoluut. Hij moest Anna op haar woord geloven. Uiteindelijk deed Anna’s vader dat dan ook. Al deed hij dat meer om het feit dat zijn dochter anders alleen zou vertrekken.
De volgende dag zouden ze voor zonsopgang vertrekken.

’s Avonds sloop Anna nog laat naar de veestal. Ze zou Leen alvast helpen het dorp te ontvluchten en de volgende morgen buiten het dorp weer oppikken. Niet dat hij daarom had gevraagd. Anna dacht dat de duisternis van de nacht een goede bescherming zou zijn. Maar Anna kreeg de kans helemaal niet Leen te helpen. Teleurgesteld en misschien  ook verdrietig was ze toen Anna er achter kwam dat Leen al vertrokken was.

Waarom had hij geen afscheid genomen?
De manier waarop ze elkaar in de ogen hadden gekeken. De manier waarop hij soms haar hand had vastgehouden.
Tranen vulden haar ogen.
Zwijgend liepen Anna en haar vader de volgende morgen voordat de zon aan de horizon verscheen het veenpad af. Nog een keer keek Anna over haar schouder naar het dorp. Vredig lag het daar te midden van het uitgestrekte moerasgebied. Langzaam trok een lichte mist over het dorp.

Binnen drie dagen zou er iets afschuwelijks gebeuren, tenminste als de jonge soldaat gelijk kreeg.
Anna en haar oude vader vertrokken, ondanks de twijfel.

Tegen de avond bereikte het tweetal uitgeput het op een kleine zandrug gelegen Roswinkel. De herberg zal vol reizigers. Achter de herberg vonden Anna en haar vader een slaapplaats in een oude schuur. Het stro bood hen voldoende warmte voor de nacht. Met het meegenomen brood vilden ze hun maag. Vader had ook nog een stuk spek meegenomen. Misschien smaakte het hier nog beter dan thuis.

Vader en dochter besloten de dag en de volgende nacht in het kleine dorp te blijven. Natuurlijk waren ze nieuwsgierig naar de gevolgen van de voorspelling van de jonge soldaat. Maar ook angstig. Anna kon er zich niets bij voorstellen.
Ongemerkt versnelden vader en dochter hun pas op de terugweg. Ze waren zeker nog wel twee uur onderweg. Het moeras golfde hun voeten. Voor Anna’s vader kende het moeras geen geheimen. Hij wist de weg. In de laatste bocht van het oude veenpad bleven vader en dochter verschrikt staan, Hun dorp was verdwenen. Voor hun lag een eindeloze inktzwarte watervlakte. Van het dorp was niets meer te zien. Waar drie dagen geleden nog hun dorp lag, was nu alleen maar water.

Gedachteloos keken vader en dochter elkaar aan. De voorspelling van de jonge soldaat was uitgekomen.
“Het kwaad kan nooit eindeloos doorgaan.”
Verschrikt keken Anna en haar vader achterom. Daar stond de jonge soldaat.
“Denk niet dat dit mijn wraak is.”
Leen vertelde nogmaals wat hij gehoord tijdens de donderbui nadat hij bijna doodgeknuppeld was.

Langs de oever van het Zwarte Meer werden twee huisjes gebouwd. Een voor Anna’s vader en de ander voor Anna en de jonge soldaat.
Zelfs nadat het Zwarte Meer was drooggevallen werd nooit meer iets van het verdwenen dorp gevonden.

Het verdwenen dorp is geschreven door Jans Jagt ter gelegenheid van de feestelijkheden 155 jaar Zwartemeer in 2026. 

error: De inhoud van deze website is beschermd !!