‘Witte Paarden’. Het laatste deel uit een drieluik geschreven door Jans Jagt
Klazienaveen – Vandaag deel 3 uit een drieluik, geschreven door Jans Jagt. ‘Witte Paarden’ is het vervolg op ‘De Vertraging’ en ‘De Zoektocht’ en tevens het laatste deel van de drieluik met een aangrijpend einde.
Witte Paarden
(vervolg op ‘De Vertraging’ en ‘De Zoektocht’)
Verraden door de tijd?
Soms heb ik het gevoel dat de tijd door mijn vingers is gegleden.
Ruim veertig, het enige gelukzalige gevoel voor mij was dat ik geslaagd was carrière te maken. Financieel hoefde ik mij geen zorgen te maken.
Had ik er naar geleefd? Tja, een nieuwe open sportwagen stond te pronken in de parkeergarage van mijn koopappartement.
Verder veroorloofde ik mij twee keer per jaar een vakantie.
Maar buitensporig?
De tijd liet mij voelen wat het allemaal voorstelde. Ik was op mijn manier gelukkig, tenminste ik was tevreden met het leven dat ik leidde.
Degene waar ik mijn leven dolgraag mee zou willen delen, was echter onbereikbaar. Voor mij bestond er geen andere vrouw dan Maaike.
Tien jaar lang was ik dicht bij Maaike geweest. Maar ook zo ver weg.
Tien jaar reed ik niet alleen naar m’n werk maar vooral naar Maaike.
Was ik jaloers op haar man Wouter? Toen hun dochter werd geboren kocht ik een grote beer, ging twee keer op kraamvisite. Een legaal argument voor een bezoek. Ik voelde de vragende blijk van mijn collega’s.
Twee keer was ik alleen met Maaike tijdens een avond vergadering. De onzekerheid, kon ik haar misschien zoenen? Respect en wellicht fatsoen weerhielden mij hiervan.
En Maaike?
Ze lachte op een manier die haar zo kenmerkte.
Begreep ze hoe ik worstelde met mijn gevoel?
En dan de periode waarin het niet goed ging met Maaike. Ze zat niet goed in haar vel.
Een burn-out, zo werd haar afwezigheid genoemd. Haar chef verzocht de medewerkers geen contact met haar op te nemen. Hij zou iedereen op de hoogte houden.
Toch belde ik haar twee keer. Met een matte, trillende stem vertelde ze dat het beter ging.
Daar baalde ik van. Ze vertelde niet alles, eigenlijk niets. Eigenlijk was dat voor mij een grote teleurstelling. Hadden we toch geheimen voor elkaar? Blijkbaar wel.
Na verloop van tijd kwam ze terug en ging gezond verklaard verder met haar werk.
Ze was veranderd tijdens haar ziekte. In hoeverre? Moeilijk uit te leggen, een gevoelskwestie.
Wat was ik gelukkig dat ze weer terug was. Het leek alsof ik ook weer opbloeide.
Een aantal keren vroeg ik haar naar de reden van haar burn-out.
Mijn vraag ontwijkend keek ze langs me heen. Waarom kun je mij niet in de ogen kijken?
Maaike, je weet niet hoe je mijn leven beïnvloed, hoe ik mij soms voelde. Ik sliep slecht als jij je weer een dag niet goed voelde.
Thuis? Blijkbaar was ze thuis best gelukkig met haar man en dochter.
Als in een flits bewogen die beelden door mijn hoofd bij mijn terugkeer op Schiphol.
Snikkend sloeg ze haar armen om mijn nek.
Tranen voelde ik tegen mijn wang.
“Wouter en ik zijn uit elkaar”.
De woorden echoënden in mijn oren.
Medelijden was het eerste wat ik voelde.
Verward keek ze me aan, een vage lach onderbrak haar gesnik.
Ze vroeg hoe mijn reis was geweest. Ik zal “goed” hebben gezegd.
Op dat moment had ik geen behoefte mijn verhaal te doen. Ik was degene die nieuwsgierig was. “Wouter en ik zijn uit elkaar” dat was het enige wat ik hoorde.
Was Maaike hier om me dat te vertellen?
De wereld om ons heen vervaagde.
Maaike en ik, samen zochten we een tafeltje.
Ik vertelde over Raisa, snel, om daarna Maaike te laten praten.
Maar Maaike liet mij praten. Haar betraande ogen bleven me aankijken. Met mijn duim wreef ik tranen van haar wang.
Mijn verhaal eindigde na enkele minuten bij de aankomst op Schiphol waar ik niemand verwachtte.
Op de vraag waarom juist Maaike hier stond om mij te begroeten, bleef het lang stil.
“Als ik je dat vertel, moet ik je het verhaal van mijn huwelijk vertellen”.
Opnieuw was het stil.
“Nou?”
Zes kop cappuccino, duizenden mensen om ons heen.
Maaike en ik zagen ze niet meer. Dit moment was alleen voor ons. We hadden alleen oog en oor voor elkaar.
Wat ben je eigenlijk een mooie vrouw!
Haar ranke lichaam wist af en toe geen raad met de ongemakkelijke hoge stoelen van het restaurant.
Maaike was en paar jaar jonger dan mij. Een sportieve meid, die haar sportieve prestaties tot voor een paar jaar terug vooral had laten zien op de atletiekbaan.
“Wouter en ik zijn te snel getrouwd, we kenden elkaar pas drie maanden. Smoorverliefd. In het begin waren we zo gelukkig, Het leven lachte ons toe. We waren jong, hadden beide een goede baan, maakten ons geld tot de laatste cent op. Vakanties, mooie kleren, nieuwe auto, het kon allemaal niet op. Bij de geboorte van onze dochter werd alles anders. Wouter kon de verantwoordelijkheid van het vaderschap helemaal niet aan. Steeds vaker was hij niet thuis. Dat er een andere vrouw of zelfs vrouwen in het spel was, kwam ik al vrij snel achter. Wouter was eigenlijk niet de prins op het witte paard voor mij. Tien jaar geleden veranderde er voor mij heel veel van binnen. Toen ik jou tegenkwam wist ik mij geen raad. Was er sprake van liefde? Ik voelde me tot jou aangetrokken. Ik vocht er echter tegen om er aan toe te geven. Mijn huwelijk met Wouter was voor mij belangrijker. Tenminste dat deed ik mezelf geloven. Af en toe een kus voor jou, hoe onschuldig misschien, het voelde niet goed. Moest ik me schuldig voelen op een andere man verliefd te zijn?. Dat was het, ja. Vaak brandde ik van verlangen jou te zien, dat wel. Zo beleefde ik vaak de dagen. Jouw reis deed me echter realiseren dat ik je op een dag kwijt zou kunnen zijn. Mijn leven stond een aantal weken echter volledig op z’n kop. Wouter verliet me. Eigenlijk deed het me niets, eigenlijk was ik opgelucht. Tijd om na te denken. Ik moest vandaag naar Schiphol. Ik moest weten hoe jouw reis was verlopen. Ik hou zo verschrikkelijk veel van je. Tegelijkertijd ben ik zo bang voor de toekomst”.
Daarna liet ze haar tranen gaan. “Kom Maaike deze schouder is voor jou”.
Een uur later reden we naar mijn appartement.
De dagen daarop waren de gelukkigste in mijn leven.
Maaike en ik, ik en Maaike.
Een droom, af en toe sloot ik mijn ogen.
Ik kneep me af en toe in mijn arm.
Verraden door de tijd?
Deze dagen leken op dagen waarin een tiental jaren leken te worden goedgemaakt.
Maar Maaike verlangde ook naar haar dochter, liefdevol opgevangen door haar ouders.
Maaike, ik hou zo verschrikkelijk veel van je!
Het leek alsof er een trilling door haar lichaam ging.
Nog één onvergetelijke nacht, dan zouden we beiden haar dochter halen.
Het zal tegen negenen zijn geweest.
Maaike was al een paar uur opvallend stil geweest, ze las vaag in een tijdschrift.
Ze bladerde, ze bladerde.
Sloeg haar ogen op naar mij.
Ze haalde diep adem.
Op de achtergrond hoorde ik vaag haar favoriete muziek.
“Ik moet je iets vertellen, alsjeblieft, onderbreek me niet. Wat ik je ga vertellen zal je pijn doen. We hebben geen toekomst. Tussen nu en naar schatting drie maand ben ik dood. Kanker heeft een belangrijk deel van mijn lichaam aangetast. Behandeling heeft geen zin meer. Je weet dat ik er een tijdje uit geweest ben. Dat was de periode dat er kanker in mijn longen is ontdekt. Uitzaaiingen in mijn lichaam. Op dit moment biedt morfine verlichting. De afgelopen paar dagen hebben mij ontzettend veel energie gekost, maar had ik voor geen goud willen missen. Ik heb vanaf de onvermijdelijke boodschap maar één wens gehad; sterven in jouw armen. Alsjeblieft laat me niet in de steek”.
Maaike begon te huilen, huilen. Haar verdriet was zo intens. Haar gezicht begroef ze in haar handen.
Maaike en de dood, het paste gewoon niet. Haar levenslust, haar lach, die konden zo maar niet verdwijnen.
Binnen een seconde zat ik naast haar.
Samen huilden we, zonder ook maar één woord te zeggen.
Maaike, Maaike, ik wil je niet kwijt.
We hadden geen tranen meer.
Dicht tegen elkaar beleefden we elkaar zo intens.
Maaike, je bent mijn leven, mijn hoop, ik laat je nooit meer los. Vertrouw op mij. Ik laat je geen seconde meer alleen.
Zolang we ’s morgens de zon zien opkomen zal er hoop voor de dag zijn.
Maaike lachte, zoals ze dat zo vaak tegen me had gedaan.
Haar lach, pas nu weet ik met hoeveel liefde die is gevuld.
Maaikes dochter Merel was het kleine evenbeeld van haar moeder. Een volle paardenstaart danste achter op haar hoofd. Grote donkere ogen keken mij eerst argwanend aan. Even later lachte ze en vertelde ze voluit over school, haar vriendinnetjes en balletles. Aan haar ging het intense verdriet voorlopig voorbij.
Straks zou haar opvoeding bij de ouders van Maaike liggen.
De komende tijd was werken uitgesloten, gelukkig was er een begripvolle werkgever.
Fantastische collega’s, die het werk overnamen
De eerste dagen na de trieste boodschap van Maaike waren onwerkelijk.
Ik kon niet geloven dat Maaike er straks niet meer was.
Tien gemiste jaren, soms maakte ik mezelf verwijten. Baalde ik dat zo verlegen was geweest, geen initiatief had genomen Maaike voor me te winnen.
“Juist dat heb ik zo in jouw gewaardeerd” antwoordde Maaike dan, “ik was getrouwd, nooit echt gelukkig de laatste jaren. Tegen beter weten in hoopte ik dat het goed zou komen. Maar dat alles kon jij niet weten. Dat heb ik je nooit verteld, misschien moet ik juist dat mezelf verwijten. Ik heb je veel verteld, geheimen die ik alleen aan jou toevertrouwde. Maar juist wat me heel diep raakte, liet ik achterwege. Waarom? Misschien kon ik daar niet over praten. Maar die jaren liggen achter ons, komen niet terug. Laat me nu gelukkig zijn, met jou en mijn kleine meid”.
Lang duurde die ogenschijnlijk mooie tijd met ons drieën niet. Wat hadden we in korte tijd van elkaar genoten, liefde gedeeld. We hadden elkaar nog zoveel te zeggen. Wat gebeurde er na de onvermijdelijke dag?
We luisterden samen naar onze favoriete muziek, maakten mogelijk nog wandelingen.
“Laten we de witte paarden zien galopperen. Daar vind ik rust, samen met jou”.
We hadden tijd tekort.
De portie morfine tegen de pijn werd langzaam maar zeker verhoogd.
Ook bestraling tegen de pijn hielp steeds minder.
Op een stralende zomerdag bleef Maaike in het ziekenhuis.
De terminale fase was aangebroken.
Maaike ging zichtbaar achteruit.
“Wat had ik graag oud met je willen worden” zei ze nog op een helder moment om vervolgens de ogen te sluiten. Ik voelde haar hart nog kloppen onder mijn hand.
Nog één keer opende ze haar ogen, probeerde nog wat te zeggen.
“Ik hou van je” waren de laatste moeilijk verstaanbare woorden.
Maaike, je bent het beste wat me in mijn leven is overkomen.
Een lachje werd zichtbaar om haar mond.
Op datzelfde moment blies ze voor de laatste keer haar adem uit.
Dit was ‘Witte Paarden’ deel 3 en tevens het laatste deel uit een drieluik, geschreven door Jans Jagt.
(Afbeelding: Jans Jagt)
