Oons sikkie is bang veur water

Dordsebrug-2005-0668WKlazienaveen – Oons sikkie is bang veur water. Een verhaal opgetekend door Jans Jagt in een interview met Mans Boelens dat verscheen in de Dorpskrant Klazienaveen van september 2003.

Mijn vader had meerdere liefhebberijen, eentje daarvan was het fokken van geiten. Hij had altijd een of twee geiten in het hok en was lid van de geitenfokvereniging in Klazienaveen. Menigmaal viel hij in de prijzen bij de geitenkeuringen.

Toen mijn vader overleed was er nog een geit over, die wij “sikke” of liefkozend “sikkie” noemden. Een prachtige grote witte geit met fraaie horens. Mijn moeder kon heel goed met de geit overweg. Zij liet haar los lopen en riep: “Kom maar sikkie” en de geit liep braaf aan mijn moeders schort. Mijn moeder molk de geit elke avond. De geit gaf alleen melk als ze een kleintje kreeg. Daarom moest ze elk jaar jonken of bevallen.
Om een jonkie te krijgen moest de geit elk jaar naar de bok.
Mijn moeder wist precies wanneer de geit naar de bok moest. Ze duwde de geit dan zachtjes op de rug en als de geit dan op een bepaalde manier door haar achterpoten zakte, zei mijn moeder: “Het is weer zover, oons sikkie moet naar de bok.”

Mijn 20-jarige broer Jan nam de geit aan een kort touw en ik mocht mee. We moesten eerst naar de Dordsedijk. Daar aan de zijweg, op de Broekweg, woonde in een klein huisje op een stukje bovenveen een klein vies krom mannetje. In het hok naast zijn huisje had hij een hele grote bok, die ontzettend stond. We gingen lopend naar de Dordsebrug, dat was toen nog een kleine ijzeren draaibrug, met open leuningen en een houten loopvlak. Vanaf de brug kon je duidelijk het gevaarlijke donkere water zien.

Toen onze geit voor de brug stond en het water zag, deed zij geen stap meer. Zelfs met twee volwassen mannen en een jongetje was zij door duwen en trekken niet vooruit te branden en was beresterk. Wat nu te doen? Goede raad was duur.
“Wacht eens,” zei mijn broer Jan, “hier op de hoek is de houthandel van Meester, daar kun je gratis een handkar lenen. We halen de kar, zetten de geit op de kar en rijden oons sikkie over de brug.” Zo gezegd, zo gedaan.
Mijn broer haalde handkar, ik wachtte met de geit.
Met twee mannen werd de geit op de kar getild. Ik mocht naast de geit zitten en moest aan haar halsband vasthouden. Heel rustig liet onze geit zich over de brug rijden. Bij Hotel Mazenier werd zij weer van de kar getild. Ik moest hem aan de lijn houden en mijn broer bracht de handkar terug naar de firma Meester.
Zo is onze geit veilig bij de bok gekomen, daar is ze voor een kwartje bevrucht en op de terugweg is ze weer op dezelfde manier over de brug gereden.
Later werd de nieuwe betonnen Dordsebrug gebouwd en kon “oons sikkie” het water niet zien en wandelde zij doodgemoedereerd over de Dordsebrug.

Dit verhaal werd opgetekend door Jans Jagt in een interview met Mans Boelens en verscheen in de Dorpskrant Klazienaveen van september 2003.

 

(Foto: archief 2005 Henk Lambers)

error: De inhoud van deze website is beschermd !!