Veen en turf, het heeft Klazienaveen gevormd tot wat het nu is, deel 4.
Klazienaveen – In 2024 is het 135 jaar geleden dat Klazienaveen is ontstaan. Van een veenkeet en de bouw van het winkelpand van Jan Thymens Meester in 1889 tot de bouw van het futuristisch aandoend woon/winkelcomplex Het Schip anno 2024.
Dat is een notendop in de indrukwekkende veenkoloniale geschiedenis van Klazienaveen. Klazienaveen heeft een relatief korte, maar bewogen veenkoloniale geschiedenis achter zich. Veen, turf, ontginning, het heeft Klazienaveen gevormd tot wat het nu is. Centraal in deze 12-delige serie verhalen is de fictieve familie Veenstra dat als eerste in deze streek kwam te wonen.
Deel 4
Gezellig
Geert Veenstra junior begon in 1903 als machine-bankwerker bij de turfstrooiselfabriek van de Firma W.A.Scholten.
Het gezin bewoonde een gezellig huisje met een tuin aan het Scholtenskanaal. Zijn werk betaalde aanzienlijk beter dan dat van de veenarbeiders.
Schuin tegenover het huisje bouwde de Maatschappij de marechaussee kazerne. Wat een prachtig gebouw in een gebied dat volgens Scholten moest uitgroeien tot het centrum van het dorp Klazienaveen.
Maar velen twijfelden er aan of dit ooit werkelijkheid zou worden want in 1903 werd de nieuwe Heilige Henricuskerk geopend. Meestal stond de kerk in het midden van het dorp. Dus waarom ook niet in Klazienaveen? De grondprijs die Scholten vroeg lag echter veel hoger dan de prijs van de firma van Echten.
Rondom de Dordsebrug werd al gebouwd en ook op de plek waar het Scholtenskanaal in het van Echtenskanaal stroomt, werd gebouwd Misschien nog belangrijker voor centrumvorming was dat de katholieke kerk een tijdlang eindpunt was voor de tram. Hierdoor werd er ook een café gebouwd. Genoeg te doen in Klazienaveen dus.
Driehonderd meter ten zuiden van het huis van Geert Veeenstra jr. werd zelfs een doktersvilla gebouwd, ja ook door de firma Scholten. Dokter Labertee was de eerste bewoner en zijn visites waren een bezienswaardigheid in het dorp. Met een statig Fries paard en luxe koets bezocht hij zijn patiënten over de vaak nog onbegaanbare wegen.
Geert was inmiddels ook al weer begin veertig en zijn zes kinderen groeiden als kool, de oudste was 18 en de jongste 12 jaar
Het is begin 1904 en het stormt en sneeuwt. Zoon Freek van achttien komt ’s avonds om tien uur thuis. Hij zou al om negen uur thuis zijn na een bezoek aan zijn verkering aan de Dordsedijk.
“Wat ik nou heb meegemaakt,” komt hij verontschuldigend binnen, “stapt een man met een snor uit de tram en vraagt de weg naar een kerkje nabij sluis 2 aan het Scholtenskanaal. Hij had meer dan vijf uur in de tram gezeten. Hij zei de nieuwe dominee in het Smeulveen te zijn. Hij had een lantaarn meegenomen en dat was maar goed ook. Verderop is de zandweg helemaal onbegaanbaar. Ik ben maar een stukje met hem meegelopen tot we iemand tegenkwamen die zei de dominee op te zullen halen. Zijn mooie kleren zaten onder de modder.”
Een aantal weken later bleek dat Freek Veenstra als eerste Klazienavener had kennisgemaakt met dominee W. de Weerd.
Einde deel 4
Veen en Turf is geschreven door Jans Jagt.
(Foto: Henk Lambers)
